Veelgestelde vragen

Op deze pagina geven wij antwoord op veelgestelde vragen. Indien uw vraag hieronder niet beantwoord wordt, dan heeft u ook de mogelijkheid om contact met ons op te nemen.

  • Hoe plant u een vrucht- en laanboom?

    Verwijder gras en/of andere begroeiing ca. 75x75 cm. En voer dit af. Graaf een gat van ca 0,5 m.
    diep, maak de bodem van het gat een steekdiep los. Zorg dat de wortels ruim in het gat passen.
    Plaats nu eerst de boompaal aan de zuid-weste zijde van de boom ca. 20 cm uit het hart van het gat,
    de boom zal nu bij de meest voorkomende windrichting in de boomband hangen, dit voorkomt
    dat de boom langs de paal schuurt. Indien gebruik gemaakt wordt van een boomkorf, dient u twee
    boompalen te plaatsen waar de boom tussen staat.
    Boompalen zijn gemiddeld twee groeiseizoenen nodig, daarna kan de boom in de regel voldoende
    wortels gevormd hebben om zelf recht te blijven.

    Instructies:

    * Bevochtig de wortels

    * Plaats de kant van de boom waaraan de minst ontwikkelde takken zitten op het zuiden.
    * Houd een eventuele entknobbel ca. 5 cm boven de grond, dit om wortelvorming te voorkomen.
    * Gooi mooie grond (evt. potgrond) zonder kluiten in het plantgat tot de wortels zijn bedekt.
    * De boom tijdens het planten wat heen en weer bewegen zodat de grond goed aansluit bij de wortels.
    * Als het plantgat 2/3 gevuld is drukt u de grond licht aan en gooit u er een emmer water bij.
    * Zet de boom zo hoog mogenlijk vast aan de boompaal.
    * Plant bomen nooit dieper dan ze hebben gestaan op de kwekerij!

  • Wat is een struik, een halfstam of hoogstam?

     

    1+2 > Noemen we een spil of een struik, de stam is 50 cm hoog 
    en daar vandaan begint de vertakking. De boom kan zelf
    2 tot 3 meter hoog en breed worden dit is afhankelijk van 
    de snoei.
    3 > Noemen we een halfstam, deze stam is 120 cm hoog en 
    daar vandaan begint de vertakking. De boom kan zelf 4 
    tot 5 meter hoog en breed worden ook dit is afhankelijk 
    van de snoei.
    4 > Dit noemen we een hoogstam, deze stam is 180 cm hoog
    en daar vandaan begint de vertakking. De boom zelf kan 
    7 tot 8 meter hoog en breed worden dit is afhankelijk van
    de snoei.

     

  • Hoe snoei je een fruitboom?

    Er bestaat een groot verschil tussen goed- en slecht gesnoeide fruitbomen met betrekking tot de vruchtkwaliteit en de ziektegevoeligheid. Bij de meeste fruitbomen ontstaan de vruchten uit bloemknoppen. De vruchten staan dan vooral op korte twijgjes, de zogenaamde kortloten, en minder op de langloten. Veel kortloten op de boom betekent veel en kleine vruchten. Als we die kleine vruchten in de lente uitdunnen (de helft weghalen) krijg je grotere vruchten.
    Langloten zijn onvruchtbare twijgen en een groot aantal ervan is natuurlijk niet wenselijk. Kortloten worden gevormd bij zwakke groei en langloten bij sterke groei.

    Een hoogstam en halfstam moeten de eerste jaren sterk groeien om snel een kroon te vormen, daarna gaat de boom vruchten maken en mag die niet zo snel meer groeien, zodat hij nieuw vruchthout en voldoende bladeren kan vormen. Er zijn bladeren nodig om de vruchten te voeden en de sapstroom door de boom te trekken. Een zwakkere groei bekomen we door zo weinig mogelijk te snoeien, want snoeien doet groeien! Liever enkele ingrepen groot (dan vele klein).

    Kortom, een snelgroeiende boom maakt weinig bloemknoppen: een rijk bloeiende en vruchtdragende boom groeit bijna niet meer.

    Dan volgt de ouderdomsfase bij achterstallig onderhoud van de boom. Ondanks de snoei zal de boom nog weinig groeien. De boom krijgt minder vruchten en begint af te takelen: Zware takken breken af en de boom begint te rotten.
    De stand van de tak is voor de vrucht van belang: Verticale takken groeien veel en bloeien weinig. Bij horizontale takken is het net omgekeerd. Dit kan voorkomen worden door eenjarige steile takken horizontaal uit te buigen, zodat ze het volgende jaar bloeien. Appel- en perenbomen kunnen gesnoeid worden vanaf december tot maart. Zwakke groeiers snoeit men het eerst (in januari), omdat vroeg snoeien de groei bevordert: sterke groeiers snoeit men in maart, omdat laat snoeien de groei afremt.
    Steenvruchten zoals kersen-, perziken- en pruimenbomen worden veel minder gesnoeid. Het beste tijdstip om deze te snoeien is na de pluk in de late zomer of rond de bloei in het voorjaar. Hetzelfde geldt voor het meeste kleinfruit. Een fruitboom wordt doorgaans gesnoeid, omdat het licht alle delen van de boom zou bestralen. Zon laat de vruchten rijpen; zon en wind drogen snel de natte bladeren. Tevens zal de boom gezond blijven, omdat schimmelsporen minder kans krijgen om te ontkiemen. Een goede snoei verlengt ten slotte de levensduur van de boom.

    Inzicht in de onderdelen van een fruitboom bevordert de kennis van het begrip snoei.

    De stam: de lengte bij een halfstam bedraagt ca. 125 cm; bij een hoogstam ca. 200 cm.
    De harttak: een dominerende en stevige die liefst vanuit de stam zo verticaal mogelijk groeit.
    De gesteltakken: staan schuin op de harttak, liefst onder een hoek van 30 graden.
    De vruchttakken: staan links en rechts op de verschillende gesteltakken; ze groeien ook onder een hoek van 30 graden en zoveel mogelijk weg van de gesteltakken, omdat ze anders met deze laatste concurreren; de bovenste groeien te sterk en de onderste te verwijderen; bij de korte snoei bedraagt de afstand tussen elke vruchttak ca. 20 cm; bij de lange snoei ca. 50 cm. De verlengenis: een stevige eenjarige twijg, die op het uiteinde van een gesteltak, de stam en/of de harttak staat; in de onmiddelijke omgeving ervan bevindt zich meestal een sterke twijg die een concurrent genoemd wordt.

  • Wat betekent het als er bij een boom Dr.kl. achter staat?

    Dat betekent dat u de boom koopt met een draadkluit, dat is een kluit grond waar de wortels van de boom in zitten, hij is daarin al gegroeid en waardoor hij beter aanslaat.

  • Wat wordt er bedoeld met cont.?

    Dit betekent dat de boom in container (pot) staat.

  • Wat betekent 8/10 of 10/12 of 12/14?

    De bomen worden verkocht in een maat uitgedrukt in centimeter stamomtrek; gaan wij uit van de maat  8-10, dan wil dit zeggen, als u 100 cm boven het grond oppervlakte meet, moet de stam omtrek tussen de 8 tot 10 cm zijn, en bij 10-12 moet dit tussen de 10 en 12 cm zijn. De maten 8-10, 10-12, 12-14 en 14-16 cm zijn maten waarvan de meeste bomen worden verkocht. 

  • Kunt u een boom verkeerd planten?

    Ja, te diep planten is het meest voorkomende probleem. De wortels krijgen hierdoor te weinig zuurstof en sterven af, waardoor de meeste bomen het niet redden. Dit kan zich zelfs pas na enkele jaren openbaren.

    Belangrijk bij het planten: Gebruik nooit mest of bemeste tuinaarde in het plantgat, maar altijd potgrond, zet altijd een boompaal bij u boom, hierdoor kan hij niet scheef waaien waardoor de nieuw gevormde wortels kunnen afbreken.


    Hiernaast ziet u een voorbeeld van een veel te diep geplante
    boom, waardoor deze geen kans heeft gehad om aan te groeien.
    Het rode pijltje geeft de goede plantdiepte aan.

  • Waarom gebruik je een rubber band aan een boompaal?

    Een boom heeft goede verzorging nodig. Bij het planten (en vastzetten) van jonge bomen dient men
    hier dus ook heel goed rekening mee te houden. Het vastzetten en ondersteunen van de boom met gordelband of soortgelijk materiaal raden wij af.

    Gezien de optredende verharding door weersinvloeden, dit in het bijzonder tijdens een vorstperiode, waardoor de randen van dit materiaal uitermate scherp kunnen worden. Na verloop van een relatief korte periode is het bovendien noodzakelijk de banden opnieuw te spannen, aangezien dit band de eigenschap heeft te verslappen. Ook groenaanslag komt veelvuldig voor op het nylonband en vanuit esthetisch oogpunt is dit zeker geen succes. Gebruik liever een zachte, maar sterke band om de stam te beschermen en dan met name een rubber band.

    De band:

    - Rot en schimmelt niet, is schoner, soepeler en makkelijker te verwerken.

    - De sterke weefsels zijn bekleed met een zachte materiaalsoort waardoor de stam van de boom geen schade ondervindt!

  • Waarmee bescherm je boom tegen wildvraat?

    Wildvraat komt veel voor, meestal als er sneeuw ligt. Konijnen, hazen, reeën, geiten/schapen en ratten kunnen knagen aan de bomen. Jonge fruitboompjes die aan de stam aangevreten worden zijn meestal verloren, tenzij de schade nog beperkt is. Indien de schors volledig rond de stam afgevreten is, dan sterven de bomen af. Is er nog een stuk schors van beneden tot boven intact, dan is er nog kans op overleven, maar zal de groei veel zwakker zijn dan normaal. Bij appelbomen kan op de beschadigde stam vruchtboomkanker ontstaan, waardoor de bomen na enkele jaren afsterven. Gebruik daarom boombeschermers:

  • Hoe plant u een heester?

    Zorg voor mooie rulle grond, graaf een voldoende groot gat. Voor potplanten is de stelregel
    ca. 2x de potmaat. Dompel de pot of container in een emmer water, totdat deze is verzadigd,
    dit merkt door het bubbelen wat ophoudt. Indien een heester nog weinig takken heeft,
    kunt u de vertakking bevorderen door de bestaande takken ongeveer half door te knippen,
    hierdoor zult u een mooie volle struik krijgen.

     

    Instructies:


    * Bevochtig kuit of kale wortels.
    * Maak een ruimpassend plantgat, zodat kale wortels er uitgespreid in passen.
    * Maak een rond gat en geen wigvorm.
    * Gooi mooie losse grond (of potgrond) rondom de kluit of wortels.
    * Breek een vaste wortelmassa uit een pot een beetje los, dit bevordert de hergroei.

  • Een geslaagde aanplanting? Begin bij de basis!

    De basis van een geslaagde aanplanting is een goede bodemstructuur. Door te zorgen voor een luchtige, kruimelige bodemstructuur zullen de wortels zich na de aanplanting beter ontwikkelen.                    

     

    Om van elke aanplanting in uw siertuin een succes te maken heeft DCM een complete bodemverbeteraar ontwikkeld: Vivimus voor Sierheesters, Hagen, Buxus, Bomen, Bloemen.

     

    De aanplanting van uw sierheesters, hagen, buxus,… is het ideale tijdstip om de bodemstructuur te verbeteren. Vivimus is een veredelde humusbron en dankzij de weldoordachte samenstelling van de verschillende hoogwaardige natuurlijke grondstoffen is het een tonicum voor een gevarieerd en rijk bodemleven, onmisbaar voor een gezonde groei en sterke planten.

     

    De grond houdt het water beter vast en de voedingselementen spoelen minder snel uit. Zeker voor jonge wortels is dat belangrijk. Ze moeten voortdurend voldoende vocht en voeding ter beschikking hebben om uit te groeien tot gezonde, sterke wortels.

     

    Kortom: Vivimus creëert een ideale verhouding tussen lucht en vocht in de bodem zodat de wortels zich op een gezonde manier ontwikkelen en vlot voedingselementen kunnen opnemen.

     

    Vivimus Universeel is speciaal ontwikkeld om de bodemstructuur te verbeteren en de ideale groeiomstandigheden te creëren.

     

    - Zware gronden: verbetering van de drainage zodat het water beter wegvloeit
    - Lichte gronden: verbetering van de structuur door de inbreng van humus

     

    Zowel voor planten uit pot als met naakte wortels

     

    De wortels van planten uit pot of container vonden in de potkluit een vertrouwd substraat dat speciaal op punt werd gesteld voor jonge planten. Nu moeten ze zo snel mogelijk doorgroeien in uw tuingrond. DCM Vivimus® zorgt ervoor dat de overgang vlot verloopt en de jonge wortels snel op zoek gaan naar verse grond. Planten met naakte wortel vinden in DCM Vivimus® een ideale voedingsbodem zodat de overgang van kwekerij naar tuin naadloos verloopt.

     

    DCM Vivimus® Universeel

                   

    Gemengd organisch bodemverbeterend middel rijk aan organische stof

    - organisch bodemverbeterend middel, speciaal ontwikkeld voor het aanplanten van sierheesters, hagen, buxus, bomen en andere sierplanten
    - creëert de ideale omstandigheden voor een snelle inworteling en een geslaagde aanplanting
    - voor een luchtige en humusrijke bodem

  • Welke meststof gebruik ik in de tuin?

    Een siertuin waar de planten er gezond uit zien, sterk groeien en rijkelijk bloeien is een streling voor het oog van elke tuinliefhebber.
                      

    Tijdens de groeiperiode onttrekken deze planten echter veel voedingsstoffen aan de bodem en is regelmatig organisch bemesten noodzakelijk om gedurende jaren van uw siertuin te genieten. Door zowel in het voorjaar als in het najaar te bemesten, zal uw siertuin een heel seizoen lang gezond groeien en rijk bloeien. Bovendien gaan al uw planten gesterkt en afgehard de winter in, noodzakelijk om in het voorjaar snel opnieuw te groeien en te bloeien.

    Organische meststof voor de siertuin is uiterst geschikt als universele bemesting voor de hele siertuin. Dankzij haar doordachte samenstelling bevat deze meststof de nodige voedingselementen voor een evenwichtige groei en een uitbundige bloei. Het hoge gehalte aan kalium (potas) zorgt voor stevige planten en intense bloemkleuren terwijl magnesium noodzakelijk is voor een frisgroene bladkleur.

    Zuurminnende planten

    Planten zoals de rhododendron, heideachtigen, pieris… vragen echter een aangepaste bemesting. Organische meststof voor Azalea-Rhodo-Hortensia is een organische, langwerkende meststof speciaal voor deze planten ontwikkeld en voldoet aan hun specifieke behoeften. Dankzij extra magnesium en ijzer in deze meststof bent u zeker van glanzend gezonde, diepgroene bladeren terwijl kalium zorgt voor levendige bloemkleuren.

    De organisch gebonden voedingselementen in Organische meststof voor de siertuin en in Organische meststof voor Azalea-Rhodo-Hortensia worden geleidelijk en volgens de behoefte van de plant vrijgesteld. Zo krijgen uw planten gedurende meer dan 100 dagen de juiste voeding voor een rustige groei zonder verbrandingsgevaar, en is het verlies aan voedingselementen door uitspoeling minimaal.

    De organische stof in deze meststof wordt door het bodemleven omgezet in humus. Humus draagt bij tot een kruimelige grondstructuur en een goed evenwicht tussen lucht en vocht in de bodem. Zo wordt een vlotte inworteling mogelijk en wordt de ontwikkeling van het bodemleven bevorderd.

     

    DCM Organische Meststof voor de SiertuinDCM Organische Meststof voor Azalea-Rhodo-Hortensia

  • Waarvoor staat het bio-label op de verpakking?

    Het bio-label op de verpakking wijst erop dat in deze meststof enkel toegelaten grondstoffen voor de biologische land- en tuinbouw gebruikt zijn.

  • Hoeveel coniferen kunt u per meter planten?

    Voordat u begint met het daadwerkelijke planten van de coniferen zijn er een aantal zaken die voorbereid moeten zijn. Wilt u een haag creëren? Span dan een touw tussen twee palen, zodat er een rechte lijn ontstaat. Graaf hierlangs een diepe sleuf die zo’n 10 à 20 centimeter dieper en breder is dan de kluit. Voor u de coniferen in de grond plaatst, woelt u eerst de ondergrond los en meng er wat potgrond, tuinturf of vivimus door voor het verkrijgen van een vruchtbare grond.

    Het planten van de coniferen kan beginnen, maar u vraagt zich af wat u met het gaas om de kluit van de conifeer moet doen? Deze moet u minstens gedeeltelijk losknippen maar hoeft niet helemaal verwijderd worden. De coniferen kunnen nu in de uitgegraven sleuf worden gezet. Voor het creëren van een volle haag is het belangrijk om de planten niet te dicht, maar ook niet te ver van elkaar te plaatsen. Het is aan te raden om ongeveer 2,5 conifeer per meter te plaatsen. Zodra de planten in de grond zijn gestopt is het noodzaak om de grond goed aan te duwen, zodat de wortels goed contact maken met de aarde. 

    Om ervoor te zorgen dat u een mooie, volle haag creëert, geven wij u hier een aantal tips voor het snoeien van coniferen:

    - Snoei jaarlijks, 1 à 2 keer
    - Bij voorkeur in juni rond de langste dag. Snoei zijdelings, de onderkant breder dan de bovenkant
    - Eenmaal op de juiste hoogte kan ook de bovenkant gesnoeid worden
    - Snoei de conifeer niet terug tot het dode hout, het bruine, binnenste gedeelte. De plant kan dan niet meer uitlopen en zal nooit meer mooi groen kleuren.
    - Snoei niet bij vorst of zonnig weer vanwege de kans op bevriezing of verbranding.


    Om ervoor te zorgen dat de coniferen goed groeien en gezond zijn is het aan te raden om regelmatig water te geven. Vooral na het planten is het noodzakelijk om dit 2 à 3 keer per week te doen. Ook bemesten is aan te raden om dit 2 keer per jaar te doen, de 1e bemesting in maart - april en de 2e bemesting in juli - augustus.

  • Hoeveel beuken kunt u per meter planten?

    Als u een enkele haag wilt gaan planten zet u er 4 à 5 per meter, met een dubbele haag zet u er 7 à 9 planten per meter.
    Het voorjaar en de herfst zijn de meest geschikte jaargetijden voor het aanplanten.
    De herfst heeft als voordeel dat planten vastgroeien in de nieuwe aarde en zo beter voorbereid zijn op de aankomende zomer.

    Planten in het voorjaar heeft als voordeel dat planten direct gaan groeien, belangrijk hierbij is het om voldoende water te geven en bodemschimmels toe te voegen. De beuk heeft deze schimmels nodig om voedingsstoffen uit de grond te halen! U kunt hiervoor heel goed vivimus gebruiken en haagmeststof van ecostyle. 

  • Waarom een gazon jaarlijks bekalken?

    Een onaangepaste zuurgraad van de bodem stelt plantenwortels niet in staat om voldoende voedingsstoffen op te nemen. Daardoor krijg je een verminderde grasgroei. Vaak steken mos en onkruiden makkelijk de kop op wanneer er open plekken in het gazon komen.                 

    Bodems verzuren van nature. Eén van de oorzaken daarvan is de zure regen. Wanneer de bodem te zuur is, hebben de graswortels moeite om voedingsstoffen op te nemen. Zeker op zandgronden is dit een probleem, omdat ze van nature sneller verzuren.

    De ideale zuurgraad (pH-waarde) voor uw gazon ligt tussen de 6,0 en 7,0. Een te lage pH-waarde van de bodem belemmert immers de microbiële activiteit van de bodem. Daarenboven worden de voedingselementen in de bodem moeizamer vrijgegeven aan de graswortels.

    Resten van afgemaaide gras worden minder snel omgezet en er ontwikkelt zich een moeilijk doordringbare viltlaag. water en voedingsstoffen kunnen de graswortels dan niet meer bereiken. Een te lage pH-waarde bevordert ook de ontwikkeling van mos.

    De juiste zuurgraad van de bodem zorgt ervoor dat het gras weer voedingsstoffen kan opnemen, het gras weer groeit zoals het moet en mos geen kans krijgt.


    DCM Groen-Kalk®bio


    - gekorrelde kalk speciaal ontwikkeld voor gazon en siertuin
    - vlot en proper strooibaar, zowel met de hand als met een meststofstrooier
    - rijk aan magnesium voor een mooie, frisgroene kleur van bladeren en gras

  • Hoe herstel ik mijn gazon in het vroege voorjaar of na het verticuteren?

    Na een lange winter komen de meeste gazons verbleekt en schraal uit de winter. Ook na het verticuteren in het voorjaar kan de gazon er beschadigd en troosteloos bijliggen. DCM Gazonstart zorgt voor een snel herstel van gazons na de winter en na het verticuteren.

    Dankzij een perfect evenwicht tussen snelwerkende en langwerkende stikstof, krijgt uw gazon ogenblikkelijk voldoende voeding voor een snelle startgroei of hergroei en beschikt het tevens over een belangrijk deel stikstof met lange nawerking om de vlotte startgroei gedurende lange tijd vol te houden.

    - 100% stofvrij = volkomen geurloos en proper
    - wordt niet opgeraapt bij het maaien
    - gelijkmatige verdeling = homogene groei

    DCM Meststof Gazonstart

    DCM Meststof Gazonstart

    Samengestelde meststof NPK 14-3-3

    - het propere korreltje: een garantie voor een stofvrije bemesting zonder geurhinder
    - valt diep in het gras voor een snelle werking: herstelt snel een beschadigd of uitgeput gazon na de winter of na verticuteren
    - direct resultaat + lange nawerking (minstens 100 dagen)

  • Hoe krijg ik sappige zoete druiven uit mijn eigen tuin?

    Druiven groeien in principe op elke grond. De beste kwaliteit van druiven groeit echter op zandleem- tot leemgrond. In de ondergrond mogen geen storende lagen aanwezig zijn en de grondwaterstand mag niet te hoog zijn.

    Bij het aanplanten van druiven is het nuttig een organisch bodemverbeteraar toe te dienen. De organische stof aanwezig in deze bodemverbeterende middelen, worden door het bodemleven omgezet in humus. Humus zorgt niet alleen voor een betere structuur van de bodem, maar verhoogt ook het vochthoudend vermogen van de bodem en activeert het bodemleven.

    Een druif heeft een vrij grote kalkbehoefte. De ideale zuurtegraad (pH-waarde) bedraagt 6,5 tot 7. 

    Een druif heeft veel voeding nodig. De plant begint te groeien vanaf maart en groeit door tot in september. Tijdens deze lange groeiperiode moet er voldoende voeding aanwezig zijn. Daarom gebruik je best een samengestelde organische meststof die geleidelijk over een lange periode haar voedingselementen vrijgeeft. Organische meststof voor druiven is een perfect. Het is een organische bemesting op basis van bloedmeel. Ze bevat extra magnesium, waardoor je het vroegtijdig rood verkleuren van de bladeren voorkomt.

    DCM Organische Meststof voor Druiven

  • Waar komt de naam "Batterijen" vandaan?

    Die komt van het perceel grond waar ooit het bedrijf begonnen is, dat perceel lag in de gevechtslinie van de Tweede Wereldoorlog in de spees in Kesteren. Dat is nu een monument.

  • Waarom zijn wij in de zomer gesloten?

    Door de grote zorg die wij op de kwekerij hebben kunnen wij niet gehele jaar geopend zijn voor verkoop.

  • Waar zijn onze fruitbomen te koop?

    Stel uw vraag via het contactformulier en wij zorgen ervoor dat u de gegevens van het tuincentrum bij u in buurt krijgt.